Zo werkt de vernieuwde Faqta Topo
Bij Faqta blijven we ons lesmateriaal continu vernieuwen en verbeteren, en de feedback van leerkrachten is daarbij goud waard! Onze vertrouwde topografiematerialen draaiden inmiddels alweer acht jaar mee en waren dan ook toe aan een welverdiende opfrisbeurt. Met jullie wensen in ons achterhoofd – zoals de mogelijkheid voor digitale kennistoetsen en een uitgebreider, rijker aanbod aan toponiemen – zijn we enthousiast aan de slag gegaan. Daarom hebben we onze topografiethema’s voor groep 6 tot en met 8 volledig herzien. In dit artikel lees je alles over de nieuwe inhoud en opbouw, zodat je vanaf week één van het schooljaar 2026-2027 goed voorbereid met Topo aan de slag kunt.
Wat is er nieuw?
- Vernieuwde doeboeken: De doeboeken voor groep 6 tot en met 8 hebben een nieuwe opmaak en een geheel nieuwe inhoud. De kaarten zijn ook geüpdatet.
- Opdrachten op basis van Junior Bosatlas 7: De opdrachten in het doeboek zijn geschreven op de Junior Bosatlas 7. Werkt jouw school nog met de Junior Bosatlas 6? Geen probleem! We hebben een handige overzichtslijst waarmee we per opdracht verwijzen naar de juiste kaart in de Junior Bosatlas 6. Scholen hoeven dus geen nieuwe atlassen aan te schaffen.
Let op: de oude doeboeken voor Topo zijn vanaf de start van schooljaar 2026-2027 niet meer bruikbaar.
-
Meer toponiemen in de lessen: Het aantal uitgevraagde toponiemen is flink aangevuld. We bieden nu de volledige CITO topo top 100 aan, net als de Plustopo-lijst uit de atlas, net als enkele losse plaatsen of bezienswaardigheden op basis van het belang, de grootte en de bekendheid.
- Een vernieuwde, overzichtelijke lesopzet: Meer toponiemen aanleren vraagt ook om een andere lesopzet. Leerlingen kunnen nog steeds zelfstandig aan de tegels werken en doen kennis op over de regio waar zij over leren. Er is meer aandacht voor het inoefenen van de verschillende aan te leren plaatsen.
- Digitale kennistoetsen: De kennistoets kan voortaan ook digitaal worden afgenomen op het platform in de vorm van toets met meerkeuzevragen.
De vernieuwde thema’s staan uiterlijk 15 augustus 2026 live.
Hoe plan je Faqta Topo in?
In elke groep zijn er 14 topografielessen beschikbaar. Je doet twee weken over elk gebied. Door deze planning ben je in maximaal 28 lesweken klaar (van de 40 weken in een schooljaar).
- Week 1: Les op het platform en doeboek. In de eerste lesweek behandel je de tegel op het platform en maken de leerlingen het doeboek. Dit kan zelfstandig of in tweetallen op devices worden gedaan. De totale les duurt zo'n 45 tot 60 minuten: ongeveer 20 minuten voor de tegel en 30 minuten voor het doeboek. Het doeboek kan bijvoorbeeld op de weektaak worden gezet! Leerlingen nemen na de tegel het oefenblad mee naar huis. Daarop staan alle toponiemen die ze moeten kennen voor de toets.
- Week 2: Toetsing. In de tweede week worden de toponiemen getoetst. Idealiter plan je dit aan het eind van de week in, zodat leerlingen meer studietijd hebben. Je kunt als school kiezen uit een kennistoets of een toepassingstoets. Kies je ervoor om ze allebei te doen? Dan heb je in deze week twee toetsmomenten nodig.
- De kennistoets: Bij deze toets krijgen de leerlingen op papier een lege kaart waarop ze alle aangeleerde toponiemen moeten plaatsen. Neem je deze digitaal af in het platform? Dan krijgen je leerlingen meerkeuzevragen om de plaatsen op de kaart aan te duiden.
- De toepassingstoets: In deze toets passen de leerlingen hun opgedane gebiedskennis en plaatsing van de toponiemen toe op situaties uit het echte leven. Deze toets bestaat uit 15 meerkeuzevragen. Hij kan afgenomen worden op papier of digitaal. In deze toets komen niet altijd alle toponiemen terug, zeker niet bij de grotere gebieden.
Let op: De generieke tegel ‘Oefenen voor de toets’ komt te vervallen. In deze tegel zaten vragen om leerlingen te laten wennen aan de vraagstelling van de toepassingstoets. Hier wordt echter in de les al op voorbereid.
De opbouw van een tegel
Omdat we meer toponiemen aanbieden, is ook de opbouw van de lessen in het platform vernieuwd:
- Elke tegel start nu met een duidelijk leerdoel en een overzichtskaart van het te behandelen gebied.
- Er is in de tegels naast het oefenen van de plaatsbenoemingen aandacht voor kennisoverdracht over het gebied. De kaart fungeert daarbij als kapstok voor het opdoen van geografische of historische informatie over de regio. Hiervoor zijn twee duidelijke momenten van kennisoverdracht in de tegel ingebouwd. De kennisoverdracht gaat door middel van video’s of klikplaten. Leerlingen kunnen deze zelf bekijken. Na elk moment volgt een verwerkingsvraag.
- Na de kennisopbouw over het gebied, gaan de leerlingen in hun doeboek aan de slag met opdracht 1: het invullen van een lege kaart aan de hand van de volledig ingevulde kaart op het platform.
- Vervolgens oefenen zij de plaatsbenoeming met enkele verwerkingsvragen op het platform. Wat ligt waar? Leerlingen kunnen eventueel hun ingevulde kaart in het doeboek al hierbij gebruiken als spiekbriefje.
- Daarna gaan de leerlingen aan de slag met het doeboek. In de tegel worden de pagina’s van het doeboek zichtbaar, zodat het voor leerlingen altijd duidelijk is wat zij moeten gaan doen. In het doeboek werken zij aan plaatsbenoeming en atlasvaardigheden.
- Jij kunt als leerkracht de opdrachten eenvoudig (na)bespreken, bijvoorbeeld met de antwoordbladen van het doeboek. Of je laat leerlingen zelf hun werk nakijken!
Bij elk thema zit ook een handige themavoorbereiding waarin precies staat beschreven wat er in elke tegel wordt aangeboden.
Na het doorlopen van de tegel geef je het oefenblad vast mee naar huis, zodat leerlingen kunnen gaan beginnen met het voorbereiden op de toets(en).
Atlasvaardigheden oefenen
In de nieuwe doeboeken oefenen leerlingen niet alleen met plaatsbenoemingen, maar gaan ze ook direct aan de slag met hun atlasvaardigheden. Dit doen ze bijvoorbeeld door opzoekvragen te beantwoorden met de atlas erbij. Dat kan voor veel leerlingen wennen zijn. Hoe gebruik je zo’n atlas nou goed? Daarom is er een gloednieuwe, generieke tegel over het werken met de atlas voor groep 6 tot en met 8. Dit is geen verplichte les, maar een extra middel dat je er als leerkracht bij kunt pakken wanneer het nodig is of eenvoudig op de weektaak kunt plaatsen.